Detail

Identificatie:000493
Categorie:Joodse personen
Naam:Lisa Hedwig Liebenthal
Geslacht:Vrouw
Geboortedatum en -plaats:30/7/1916, Hamburg (Duitsland)
Overlijdensdatum en -plaats:26/2/1943, Auschwitz (Polen)
Beroep, bedrijf en plaats:Massage en HeilGymnastiek, Den Haag
Adresgegevens:Wassenaarscheweg 120, Den Haag
Telefoonweg 4, Ede
Oude Haagweg?, Den Haag, 19-08-1942 tot 18-02-1943
Relaties:Vader: Alfons Liebenthal, geb. 19-07-1889 te Hamburg (Duitsland), overl. 06-08-1969 te Ede.
Moeder: Hewdwig Zacharias, geb. 16-01-1894 te Hamburg (Duitsland), overl. 12-07-1978 te Ede.
Verdere informatie:Lange tijd is het onduidelijk geweest waar Lisa was tussen 1942 en 1943.
In de brochure van Herdenking Parnassia Groep van december 2017 kwam Lisa's naam tevoorschijn, als zijnde patiënt en of onderduikster van de psychiatrische kliniek Ramaer of Oud-Rosenburg in Den Haag.

De razzia van 18 februari 1943 op beide klinieken werden door de Duitse Sicherheitsdienst o.l.v. Sturmbahnführer Franz Fischer, een fanatiek antisemitische Jodenjager. Fischer is na de oorlog veroordeeld en heeft tot januari 1989 in de koepel van Breda gevangen gezeten. (de vier, drie, twee van Breda)
Omstandigheden van overlijden:De tweede grote deportatie vanuit de Ramaer-kliniek en kliniek Oud-Rosenburg vond plaats in de nacht van 18 op 19 februari 1943. ’s Avonds arresteerde de Duitse Sicherheitsdienst de Joodse patiënten, waar- onder enkelen die ernstig ziek waren. Die dag werden vijftig mensen uit de klinieken weggehaald en de meesten in vrachtwagens naar het station gebracht. Voor de zwaksten stonden een autobus van de HTM en een paar ambulances klaar. Slechts vier zwaar zieke Joodse patiënten werden die nacht in Rosenburg achtergelaten.
Op het perron van Station Staatspoor speelden zich hart- verscheurende taferelen af. Veel mensen waren oud en verkeerden in een slechte lichamelijke toestand. Het was midden in de winter, maar de mensen droegen geen warme kleding. Aanwezigen getuigden na de oorlog hoe agenten van de Duitse politie ernstig zieke patiënten – sommigen nog in nachtkleding – over het perron sleurde naar de gereedstaande goederenwagens. Brancards werden niet gebruikt. Evenmin was er verplegend personeel aanwezig om deze mensen te kunnen verzorgen.
De Joodse patiënten arriveerden de volgende dag in Westerbork. De meesten zijn op 23 februari 1943 gedeporteerd naar Auschwitz in Polen, waar zij drie dagen later zijn vermoord.